Interview Gerard Pieneman

Iedereen moet het zich afvragen‘hoe kan ik de club verder helpen’ 

Om zijn nieuwe knieën te sparen, stopt Gerard Pieneman met tennissen, met pijn in zijn hart. ‘Ik kan heus nog wel een balletje slaan, maar laat dit het moment zijn. Dan ga ik nu meer golfen, samen met Miek. Tuurlijk blijf ik als toeschouwer naar de club komen. TVV is altijd mijn clubje geweest, mijn medicijn om overeind te blijven als je, zoals ik destijds, in je werk zoveel narigheid meemaakt.’ Tijd om met een clubicoon gezellig terug te kijken op 46 jaar lidmaatschap. 

We zitten beiden achter een computerscherm, het gesprek moest online. ‘Daar zal je de koffie hebben, met mijn digitale gebakje’. Ben je er klaar voor Gerard? ‘Ja hoor, kom maar op.’

Laten we bij het begin beginnen. Van wie ben jij er een, waar kom je vandaan, wanneer en waar ben je geboren?
‘Ik ben geboren op 6 juni 46 in het Emma Kinderziekenhuis in het Wilhelminapark in Utrecht. Mijn ouders woonden in bij mijn Opa en Oma langs de spoorbaan waar nu de Kardinaal de Jongweg is. Daar had je een dubbele spoorwegovergang. Mijn Opa was overwegwachter en ploegbaas van het baanvak Maliebaan tot aan de kruising Hilversum. De eerste drie jaar van mijn leven woonde ik langs het spoor. In 49 verhuisde het gezin Pieneman naar de Takstraat in de buurt Witte Vrouwen. We waren met zijn vijven: drie broers en een zus. Mijn zus is spijtig genoeg vroeg overleden. Mijn broers leven allemaal nog.’ 

Wat was je voor een jochie vroeger, daar in de Takkestraat?
Tja, wat was ik voor een jochie? Vlakbij zat de veeartsenijschool, de oude opleiding tot dierenarts. Daar kon ik een beetje ondeugden, bij de beesten die ze daar verzorgden en behandelden. Heb een heel dierenpark voorbij zien komen, leeuwen, gorilla’s.  

Bij ons achter had je de operatieafdeling diergeneeskunde. Als klein jochie zag ik heel bijzondere dingen: dure rijpaarden die kreupel waren, varkens die niet konden biggen, ook ooit een kalfje met twee koppen. We woonden daar tot mijn 19de. Daarna verhuisde het gezin naar Kanaaleiland. Daar hadden we een grote 5-kamer flat van twee verdiepingen waar ik tot mijn 23e woonde. Toen ben ik getrouwd. Daarna woonde ik vijf jaar lang negen hoog in Overvecht. Dat was voordat ik naar Nieuwegein kwam, waar ik woon sinds 1974.’  

Hoe raakte je bij de Politie verzeild?
‘Dat is een lang verhaal. Toen ik van school kwam, ik was 17, wist ik niet wat ik moest doen. ‘Is de Politie niet iets voor jou?’ zei mijn vader. De Marechaussee was een andere optie. Uiteindelijk kon ik me op twee plekken melden: én bij de Koning Willem III kazerne in Apeldoorn voor de opleiding tot Marechaussee én bij de Politieschool in Wassenaar. Ik ging voor de Politieschool. Die zat in een dure wijk in Wassenaar. Vlakbij, ook heel bijzonder, was de opleiding tot kraamverpleegster, daar was van alles te doen. De politieschool duurde een jaar. 

Gerard in 1963 op de politieschoolMet 1 streep kwam bij de gemeentepolitie Utrecht. Mijn hele werkzame leven zat ik bij politie en recherche: vanaf mijn 17e tot mijn pensioen in oktober 2004. Dat is alweer ruim 16 jaar geleden.  

Wat maakte je zoal mee?
Heb je even? Ik begon bij de gemeentepolitie Utrecht aan de Rode Brug, dat bureau bestaat niet meer. Daar zat ik 7 jaar. Echt van alles meegemaakt. Ooit reed een pooier een collega en mij, beiden op de brommer, bijna van de weg. Die hebben we opgepakt, is ook veroordeeld. Mijn eerste moord was een prostituee, ik was er nog geen maand. Op een dag moest ik opdraven bij mijn baas, die had een Recherche-achtergrond. Of ik zin had om naar de recherche te gaan? Zo belandde ik bij de Recherche en was ik 15 jaar lang druk met moorden. En daarna ook 15 jaar, als teamleider zware criminaliteit, vooral met het onderscheppen van drugstransporten.’ 

Hoe kijk jij aan tegen de Avondklokrellen onlangs? Als jij hoofd van de politie zou zijn, hoe zou jij dat dan aanpakken?
Rellen zijn niet van vandaag of morgen. Ze waren er 40 jaar geleden ook al. Ik heb ook 18 jaar ME ervaring. Wat is het probleem? Relschoppers gebruiken goedwillende mensen en kinderen als schild. Ik weet hoe het voelt als er 200 stenen naar je worden gegooid, dat heb ik mee gemaakt, onder meer bij de Kroning van Beatrix op 30 april 1980. Op de Kazerne bij het Stadion zaten we met 2 pelotons in reserve, in afwachting, van wat er zou gaan gebeuren omdat er actie was aangekondigd: ‘Geen woning, geen Kroning’. Toen het in Amsterdam uit de klauwen liep, werden we opgeroepen. Dus wij naar Amsterdam, in 5 auto’s, we moesten naar de Dam. Door een misverstand moesten we door een mensenmassa van zeker 500 relschoppers. We waren een mooi doelwit en werden van alle kanten bekogeld. Liep niet voor iedereen goed af. Al met al lukte het om te voorkomen dat die relschoppers de Dam bereikten, daar wilden ze naar toe. Echt heftig, zal ik niet snel vergeten.’ 

Wat kunnen we hiervan leren, van deze ervaringen van 40 jaar geleden?
'Toen was het alleen in Amsterdam, nu tegelijkertijd in veel steden. In 1980 was er in de maatschappij veel ongenoegen en boosheid, dus grepen ze de Kroning aan om even lekker te rellen. Zoiets hebben we nu ook, het is van alle tijden. Eens in de zoveel jaar komen er veel maatschappelijke problemen bij elkaar. Op een gegeven moment gaan die zich een uitweg zoeken. Toen waren het jongeren van 20, ook nu zijn het jongeren van 20, er is weinig veranderd. Ze zoeken een uitlaatklep.’ 

Wanneer werd je lid van TVV?
In 74 verhuisde ik van Overvecht naar Nieuwegein naar een heel huis in de Anemoonstraat. De huizen stonden er, maar de straat was nog niet klaar, alleen de stoepen. Waar nu de tennisbaan ligt, was voorheen een boomgaard met fruitbomen, die waren allemaal gerooid. In juli 74 liep Jos Jaeger (een voormalig voorzitter) daar nieuwe leden te ronselen. Daar heb ik me opgegeven, met mijn voeten in het zand. Ik 82 trouwde ik met Annemiek. In 88 hoorde ze van de SRV-man dat op de Anjerhof een huis te koop kwam. Er stond zelfs nog geen bord in de tuin, maar ik wist uit te vinden wie de makelaar was en deed een bod. Op Terschelling hoorden we dat ons bod geaccepteerd was. In de kleinste feestzaal van de hele wereld, een telefooncel, hebben we samen gezellig gedanst. Vanaf dat jaar wonen we op de Anjerhof.’ 

Hoe kijk je terug op de beginperiode van TVV? Hoe is die anders dan nu?
‘Iedereen wilde aan sport doen. Het begon in 71 in een gymzaal, als een vriendenclubje zonder statuten. Een man of 50 (je kent ze wel: Steenbeek, Lagemaat, Verheul, Feitsema) wilden een echte vereniging met statuten. Zo werd begin 1973 een vriendenclub een echte vereniging.’   

Je hebt veel dingen gedaan voor de club. Wat kreeg je ervoor terug?
‘Wat ik ervoor terugkreeg? Ik was sportman! Ik voetbalde bij de politie. Tennis wilde ik altijd al doen, maar had daar niet de gelegenheid voor. En dan nu ineens een vereniging in mijn achtertuin! Het ging hard. In mei 75 hadden we banen, geen paviljoen maar een legertent, geen verlichting, nog niks, wel een hek. Er werd driftig getennist. In korte tijd hadden we 500 leden en nog eens 200 mensen op de wachtlijst. Het waren andere tijden. Iedereen had kinderen, iedereen was druk, de halve Anemoonstraat was lid. Toen er een Paviljoen moest komen, werd er vergaderd in de St Jan in Vreeswijk. Van alles moest worden geregeld, er moesten commissies komen. De hele straat zat daar. Ik ben opgestaan en heb gezegd …. ‘er zijn er hier vast wel een paar die wat willen doen’. Zo begon het.’ 

Recreatiecommissie, baancommissie, twee keer in het bestuur gezeten, toernooicommissie, klaverjasavonden, barkeeper. Je deed veel voor de vereniging, waarom?
‘Ik vond het leuk, was veel op de club, wilde goed leren tennissen. Dus moest ik ook actief zijn. Bijvoorbeeld met het organiseren van klaverjasavonden: 26 jaar lang, tweemaal per jaar, met Pasen en Kerst, altijd minstens 10 tafels bezet. Wat ik ook nooit zal vergeten is ons eerste lustrumfeest in de grote zaal van het Veerhuis. Ik kende jongens van de TV IJsselstein, die hadden samen een band ‘De rackets’. Die heb ik toen gevraagd voor dat feest. Bijna 500 man in de zaal, het was geweldig, het dak ging eraf. Later vierden we onze grote feesten ook elders, bijvoorbeeld in het complex van Wim Feitsema in Vianen met optredens van het cabaret onder leiding van Loet Vanwesenbeeck, ooit ook voorzitter van TVV. Eén van de vele prijsuitreikingen door Gerard. 

Ben je nog steeds bondsgedelegeerde bij de KNLTB?
‘Dat werd ik in 2000. Ik heb het 18 jaar gedaan. In die tijd had je nog de ranglijsttoernooien, voor de betere spelers op landelijk niveau. Ik was gedelegeerde bij Iduna, Shot, Griffensteyn, Bilthoven. Die hadden allemaal zo’n ranglijsttoernooi. Ik deed ook gewone toernooien: Rijnhuyse, Oudegein, Everdingen, het jeugdtoernooi in Benschop. Niet ons eigen open toernooi, dat mocht toen niet, nu wel.’ 

Je kwam bij veel verenigingen. Wat viel op? Waarin verschilt TVV van andere verenigingen?
‘Wij hadden het goed voor elkaar. We hadden veel deelnemers. Het kantelpunt was rond 2009. Je zag toen overal de deelname minder worden. Ook in ons toernooi, helaas. Iedereen was te druk met andere dingen. Shot doet het wel nog hartstikke goed, dat is zo’n ranglijst toernooi waar goede spelers geld verdienen. We hebben overigens ook een tijd gehad dat dit soort gasten bij ons competitie speelden, als clubje vrienden die elkaar opzoeken.’ 

Nooit voor moeilijke beslissingen gestaan, als bondsgedelegeerde?
‘Een paar keer, zal ik nooit vergeten. Op een jeugdtoernooi in Benschop op de finale dag, heb ik een jongen bij zijn vlerken gepakt. Hij stond in de finaleherendubbel en gedroeg zich schandalig. Je kent dat wel, schelden, met zijn racket gooien. Samen met de hoofdscheids heb ik de jongen ‘apart genomen’ en daarna met zijn ouders gepraat. Het was een jongen met ‘een vervelende achtergrond’: ontspoord, agressief. Het is niet makkelijk maar geeft veel voldoening om dat soort gasten én in hun waarde te laten én terecht te wijzen. Tuurlijk heb ik ook wel mensen moeten wegsturen, door wangedrag, of uit toernooien moeten gooien’. 

Als je bij andere verenigingen komt, merk je ook wat van de sfeer, hoe mensen met elkaar omgaan. Hoe verschilt TVV van andere verenigingen?
‘TVV was altijd al een warme vereniging, dat zeg ik niet omdat ik er zelf zit, de sfeer was altijd goed. Tuurlijk zijn er mensen die in een wedstrijd erg fanatiek zijn. Maar als de laatste bal geslagen is, dan moet dat over zijn. Everdingen, ook een dorp langs de Lek, ken ik ook als een gezelligheidstoernooi. En Rijnsweerd met veel studenten en mensen in de verpleging. Heel ander slag volk. Rijnhuyse en Oudegein ken ik ook door en door. Ben ik ook jaren geweest. Heel jammer dat op zo veel plekken de deelname terugloopt. Dat is over de hele linie zo. Is al 10 jaar aan de gang.’ 

Wat betekent het voor jou als je niet meer tennist?
‘Ik blijf natuurlijk bij TVV komen, ik kom wel kijken, naar een aantal lui waar ik nog gezellig een biertje mee kom drinken. Als het een beetje weer is, als er nog dingen te doen zijn, zal ik er zijn. Miek speelt nog met die meiden. Remco is lang geleden gestopt, is duiksport gaan doen, is ook duikinstructeur. Dennis speelt in een fanatiek clubje met leuke jongens. Vanaf het begin heb ik ze gevolgd en ging ik bij ze kijken, nog steeds. In het begin zei ik ‘zo heren, hoe is het hier’? ‘Krijg ik geen hand, dat ben ik gewend’. Ze noemen me Meneer Pieneman. Sinds die tijd, als ik op de baan kom, het eerste wat ze doen, is mij een hand geven. Is al jaren zo.’ 

Maar nu ga je golven?
‘Ja, zo gauw ik met mijn knieën weer uit de voeten kan. Toen ik 65 werd, kreeg ik van mijn kinderen een golfcursus, die heb ik gedaan. Heb ook mijn GVB gehaald. Toen ik afscheid nam, in 2004 van de politie, kreeg ik een complete golfset, inclusief tas, de hele mikmak. Die heb ik nog steeds.’ 

Zijn er nog zaken, Gerard, waarvan je had gehoopt dat ik ernaar zou vragen?
‘Ik moet eerlijk zeggen, als ik terugkijk, vond ik het een geweldige tijd bij TVV. Ik heb alles vanaf het begin zien uitgroeien tot een echt hele bloeiende Vereniging, waar veel te doen was. Helaas loopt het qua leden nu terug. Heel jammer, want je zult merken, ook in de komende jaren aan dit soort gelegenheden, daar heb je echt wat aan, kan je stoom afblazen, je kan je energie kwijt, je kan vrienden maken, gezellig met je hele gezin, met je kinderen en je vrouw. Wat betreft de vereniging, zou ik willen zeggen ‘Laat iedereen nog eens bij zichzelf te rade gaan: hoe kan ik de vereniging verder helpen?’ Als je zorgt dat er voldoende mensen zijn, dan hou je je hobby in stand. Dat is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van ieder lid. Ik hoop dat er in de wijk en in de omgeving weer meer gezinnen komen die de tennissport omarmen. We hebben een gigantisch mooi park, met binnenkort ook padelbanen. Dat is op het ogenblik een behoorlijke trekker. Mooi dat we die laten aanleggen. Jammer dat het vier jaren geleden in eerste instantie mislukte. We waren er kennelijk nog niet aan toe. Er is veel belangstelling voor. Overal waar ze padel spelen, is het booming.’ 

Mooi om te horen Gerard, hoeveel warmte je voor de club hebt. Omgekeerd, de vereniging is jou heel dankbaar voor alles wat je voor de vereniging doet en hebt gedaan.
‘Weet je wat het is, als je iets doet met plezier, dan vraag je je niet af waarom je het doet. In het begin ben ik ook barkeeper geweest, ik heb het allemaal zien gebeuren. Niet dat ik om baantjes verlegen zat. Ik vond het gezellig. Ik had nu eenmaal een beroep waarbij je veel narigheid om je heen hebt. Wat is het dan heerlijk als je dit op een andere manier kwijt kan in een club waar iedereen het naar zijn zin heeft. En waar je het zelf naar je zin hebt. Mooi als Iedereen zijn nummertje probeert mee te blazen. Heb daar respect voor. En zorg voor een beetje gezelligheid. Daar snakt iedereen naar, zeker nu.’ Op mijn scherm zie ik Annemiek binnenkomen met een glaasje fris. Mooi moment om haar erbij te betrekken, dus zeg ik ‘Wat een prater is dat die man van jou’. Maar dat wist ze al: ‘Ja hè, daar ben ik nix bij’. En weg was ze weer. 

Waar waren we?
‘Wat ik de vereniging toewens, is dat we weer groeien naar de club die het was een jaar of 15 geleden. Met saamhorigheid, met mensen die de club een stukje van zichzelf maken. Wat is er mooier dan in de zomer of herfst, als je een balletje geslagen hebt, even lekker gezellig praten? Probeer een gemeenschappelijk noemer te vinden. Kijk naar elkaar. Dat wens ik de vereniging toe. Het is te hopen dat er mensen blijven komen die dat oppakken. Wat zou ik het vervelend vinden als ik over 5 jaar een bordje ‘gesloten’ bij de vereniging zou vinden. Dat zou ik erg vinden. Dus mensen, kijk naar wat je zelf kan doen om TVV een leuke vereniging te houden.’ 

Dank voor al je wijsheden. Was leuk om met je te spreken. Ik hoop je nog veel tegen te komen, ook op de club.
‘Ik blijf gewoon komen hoor. TVV is mijn clubje. Altijd geweest. Het is mijn medicijn om overeind te blijven, als je -zoals ik destijds- in je werk zoveel narigheid meemaakt.’ 

Interview en tekst: Jos Peters
Foto’s: Gerard Pieneman
Februari 2021

logo

E-mail

[email protected]

Telefoon

+31 30 606 4388

TV Vreeswijk

Anemoonstraat 68A
3434 JD Nieuwegein

KVK-nummer

40477174